Vandaag Even niet
Joey zat al klaar om mijn column op te nemen, toen ik met de teleurstellende mededeling kwam, dat ik er niet toe was gekomen, om ook maar één enkel zinnetje aan het papier toe te vertrouwen.
Dat is trouwens iets anders dan de mededeling, dat ik er niet ààn toe was gekomen, om ook maar één enkel zinnetje aan het papier toe te vertrouwen.
Dat ene woordje ààn maakt een wereld van verschil.
Had ik de opmerking gemaakt, dat ik er niet ààn toe was gekomen, dan had ik uitgedrukt, dat mijn vele dagelijkse werkzaamheden het mij onmogelijk hadden gemaakt, om tijd vrij te maken voor het bedenken en schrijven van mijn wekelijkse Sloscolumn.
Dat nu is niet zo! Ik had ‘in tijd’ best wel een gaatje kunnen vinden om een A4tje met wat, al dan niet, belangrijke gedachten vol te schrijven. Zo moeilijk is dat niet. Gedachten zat. Dit hoofd is nog lang niet leeg, of met zand of water gevuld. Gelukkig niet. Maar daar zit hem dus wel verschil tussen ààn en niet ààn. Zoiets als “To be, or not to be!”
Ik zit zo vol gedachten, dat er geen ruimte meer is voor column gedachten. Laat staan, dat ik er toe kom om die gedachten via het toetsenbord van mijn computer aan de harde schijf toe te vertrouwen, ze uit te printen en ze vervolgens voordragend ten gehore te brengen om mijn luisterend publiek een korte wijle te onderhouden dan wel te plezieren. Nee ik kom daar gewoonweg niet toe.
De voor de hand liggende en hierbij ook geformuleerde vraag, die een kritische luisteraar nu zou stellen, is: “Wat zijn dan die hersenspinsels,die het je onmogelijk maken om ook maar iets te bedenken dat je met je trouwe luisteraars zou kunnen delen?”
Het antwoord op die vraag is net zo verplicht als eenvoudig. Mijn hoofd barst bijna uit zijn voegen van al die Sinterklaas gedachten, die ik voor zaterdag 3 december nog op papier moet zetten. En dat nog wel in dichtvorm.
Ik mag me er niet dus met een Jantje van Leiden van af maken. Een oud collega van de Sint overigens, die Jan, die op een bepaald aangename wijze heeft geleefd, maar die op een bepaald onaangename wijze aan zijn einde gekomen is.
En mijn overige hoofdelijke ruimte wordt in beslag genomen door de vele om voorrang strijdende gedachten, die de basis vormen voor de column, die ik maandelijks schrijf voor het magazine van mijn vakvereniging, ‘Het Blauwtje”. En dat zijn er op dit moment vele. Neem dat gerust maar van mij aan, want er gebeurt nogal wat in politieland. In het groot en in het klein. Veraf en dichtbij. In Den Haag en in Steenwijk. Organisatorisch en persoonlijk
En dan zijn er tot slot nog van die gedachten, die niet voor andermans oren en ogen zijn bestemd. Al zou ik er duizenden verhalen over kunnen schrijven.
Vandaag dus geen column. Het spijt me, maar het is net oars.
| < Vorige | Volgende > |
|---|








